• <<
Uit kranten en (online) tijdschriften

 

 

NRC 1/12/2011

 

 

 

Volkskrant 8 juni 2011

     

Leeuwarder Courant. 14 januari 2009

 

Dagblad van het Noorden. 12/01/08

 

 

Items, tijdschrift voor ontwerpen en verbeelding, november/december ´06

 

 

SINGER/SONGWRITER
KLASKE OENEMA
I'M LEAVING THIS ROOM

Haar stem is zacht als pluche, de liedjes klinken kinderlijk eenvoudig en zijn vaak van betoverende schoonheid. Naam? Klaske Oenema.Ze is net afgestudeerd aan de Gerrit Rietveldacademie en won de publieksprijs met haar multimediale afstudeerproject. Daarvoor maakte ze kleine kunstwerkjes waarbij ze beeld, zang en muziek combineerde. Met deze EP zijn haar liedjes ook in eigen huiskamer te beluisteren. Oenema neemt je met licht emotionele stem mee naar haar droomwereld, waar ze zingt over brandende steden, huisvrouw zijn en tafelmanieren. Zo gaat het treurige Shampoo over liefde en het wassen van haar. Ze begeleidt zichzelf op gitaar, terwijl Harm Wierda (Planet Orange) wat Hammondorgelpartijen en een beetje trommel en tamboerijn inbrengt. Ondanks de minimale instrumentatie en de weinig originele akkoordenschema’s, blijft ze spannend klinken. Dat komt vooral door Oenema’s karaktervolle stem. Een mooi droomplaatje om de Nederlandse winter mee door te komen.

Rianne van der Molen

09#/ OOR Oktober 2006

 

 


Recensie cd I’m leaving this room

Rob Broere

Tot 2003 was ze de frontvrouw van de Groningse gitaarbands Pointdexter en Over The Moon. Daarna vertrok ze naar Amsterdam, om aan de Rietveld Academie de opleiding Schrijven te volgen. Nu is Klaske Oenema alweer een tijdje terug in Stad. Ze heeft plannen om hier weer een - kleine - band te formeren. Maar voorlopig moeten we het doen met haar soloplaat I'm Leaving This Room.
 
Dat is helemaal niet erg, want de zes nummers die erop staan zijn uiterst genietbaar. De begeleiding van gitaar, bas en Hammond orgel (door Harm Wierda) is smaakvol en minimaal, waardoor Klaske's loepzuivere - in een aantal nummers gedubte - stem alle ruimte krijgt. Het galmende, hallucinerende Plenty, dat bestaat uit een briljante, geloopte melodielijn en een duidelijke sixties-feel heeft, is de hit. Maar ook Some Fire, dat met zijn droge beat, distorted elektrische gitaar en hemelse zang doet denken aan zowel Cowboy Junkies als Cocteau Twins, is bijzonder fraai. Net als Anchor, met een heerlijk kinderlijk orgeltje en een tekst over een vrouw die haar geliefde verlaat en op zoek gaat naar een nieuw thuis.
 
Als belangrijkste invloeden noemt Klaske, naast genoemde Cowboy Junkies: Leonard Cohen, Bob Dylan, Natalie Merchant, PJ Harvey en country. Dat laatste horen we terug in het folky We Were Driving. Met haar helden heeft ze verder gemeen dat ze een begenadigd singer/songwriter is en tot de verbeelding sprekende teksten schrijft (haar opleiding heeft duidelijk vruchten afgeworpen). En ze is een fantastische zangeres, die zowel zelfverzekerd en vol kan zingen als klein en breekbaar.

 
Klaske treedt tegenwoordig op met een overhead projector, die haar liedjes verrijkt met beelden en gedichten. Donderdag 5 april doet ze een performance tijdens Spraakmakende Boeken, in de Offerhauszaal van het Academiegebouw.

3V12 Groningen (29 maart 2007)

 

 

 

Er was eens een bluesman die zong: “Night time is the right time to be with the one you love.“ Wat als je nu helemaal niemand hebt? Dan ga je liedjes schrijven op je kamertje, zoals Klaske Oenema uit Deventer. Zes liedjes staan op dit intieme en pretentieloze minialbum. Eerst klinkt ze als een eenzame rockchick. In de stille popliedjes die volgen komen er soms andere geluiden bij, zoals tamboerijn en een weemoedig orgeltje. Als eenmaal de lichten aangaan, kan je alleen maar concluderen dat dit een verrassend debuut is, van een zangeres waar we ongetwijfeld meer van gaan horen.

Recensent : Maurice Dielemans

Platomania nr. 220 (online) 23-8-2006

Schrijvende Rietveldstudenten pionieren De Volkskrant 29 juni 2006
Reportage  Van onze verslaggeefster Cecile Elffers

AMSTERDAM - De Amsterdamse Rietveld Academie toont de eerste afgestudeerde schrijversklas. Studenten begonnen schrijvend en eindigden beeldend, of andersom.
De tien eindexamenkandidaten van de schrijfopleiding aan de Amsterdamse Gerrit Rietveld Academie zijn aan het timmeren en plakken. Nog een paar uur hebben ze om de laatste technische problemen te verhelpen, en dan is het moment daar. Dan presenteert het eerste afstudeerklasje schrijvende Rietveldstudenten zich aan de wereld.
Veel studenten staan al met een been in de praktijk. Ze publiceerden al gedichten of korte verhalen in literaire tijdschriften of exposeerden in galeries. De Vlaamse Els Moors bracht dit jaar niet alleen haar eerste dichtbundel uit, ze werd met dit debuut (Er hangt een hoge lucht boven ons, Uitgeverij Nieuw Amsterdam) genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs.
Coördinator Erik Viskil startte de schrijfopleiding in 2002. ‘Ik zag dat steeds meer beeldend kunstenaars met tekst werkten. De grenzen tussen verschillende disciplines vervagen. Er was echt behoefte aan deze opleiding, want het regende aanmeldingen. Daardoor konden we selectief zijn. We hebben een groep getalenteerde mensen die heel goed weten waar ze mee bezig zijn, hoe uiteenlopend ook.’
Veel van de studenten volgden eerst een letterenstudie, maar er is ook een architecte bij. Mede-coördinator Aaf van Essen: ‘Deze studenten zijn anders dan de gemiddelde Rietveldstudent. Minder extravert, meer beschouwend. Toch hebben ze vaak de moed om hun diepste zieleroerselen op papier te zetten en met anderen te delen.’
Beeld en tekst krijgen aan het begin van de studie evenveel aandacht. De studenten krijgen les van niet de minsten: auteurs als Maria Barnas en P. F. Thomese, maar ook filmers als Simone van Dusseldorp en een keur aan beeldend kunstenaars. Later in de studie mogen de studenten hun eigen gebied zoeken, al dan niet multidisciplinair. Dat het hier de afdeling ‘schrijven’ betreft zal de argeloze expositiebezoeker dan ook niet direct in de gaten hebben. In de presentaties bruist het van de video’s, tekeningen, diaprojecties, muurschilderingen en zelfs live-muziek.
De studenten zijn vooral blij dat ze niet hoefden te kiezen voor óf beeld óf tekst. Het programma deed ze soms versteld staan van zichzelf. Veel studenten begonnen als verwoede schrijvers en eindigden beeldend, of andersom.

Michel van der Waart loopt zenuwachtig rond in zijn presentatieruimte. De projecties van zijn gedichten weigeren vooralsnog op de muur te verschijnen. Zijn video’s werken gelukkig naar behoren. Van de Waart heeft Amsterdamse bejaarden geïnterviewd over hun leven. Die interviews laat hij niet zien. De na het interview genomen, minutenlange shots van de zwijgende oude mensen moeten voor zich spreken.
Ruth Verraes’ project bevat essays, foto’s en video’s met als onderwerp ‘het idee van een boot’. Verraes: ‘We hebben hier allemaal twee passies: beeld en tekst. Maar we maken zulke totaal verschillende dingen dat er geen competitieve sfeer is. Het was ook fijn om als eerste lichting het hele vlak nog vrij te hebben. Al namen soms de discussies nog iets te veel de overhand.’ Als eerste lichting moesten de studenten pionieren. Er werd eindeloos vergaderd over de vraag of je ook in maar één discipline mag afstuderen.
Ach, dat samen uitvinden wat er mogelijk was, had ook zijn charme, vindt Klaske Oenema. Zij laat met haar project zien wat er dan allemaal wel niet kon. Oenema studeerde Nederlands, dacht aan een aio-schap en schreef veel, maar studeert nu af met wat je misschien nog het best kan omschrijven als een levende animatievoorstelling. Op overheadprojectors legt Oenema vensterenveloppen. De venstertjes dienen als mini-filmdoekjes, waarop ze door het neerleggen en weer weghalen van verschillende kleine uitknipsels prachtige, sfeervolle verhaaltjes vertelt. Ondertussen zingt Oenema live haar eigen Engelstalige liedjes.


De Stentor